Werknemer in quarantaine is onbereikbaar: ontslag op staande voet

Een werknemer wordt door zijn baas in quarantaine gestuurd, nadat een collega positief is getest op het coronavirus. Gedurende de quarantaine is de werknemer niet bereikbaar. Hij wordt op staande voet ontslagen. Is dat terecht?

Ziekteverzuim heeft door de coronapandemie een nieuwe dimensie gekregen. Het gaat dan niet in eerste instantie om ziekte, maar wel om het voorkomen van ziekte van de persoon in kwestie of die van anderen. Wanneer een werknemer besmet wordt met het coronavirus dient hij of zij in quarantaine te gaan. Hoe zit het dan met de loondoorbetalingsplicht. De werknemer is toch (nog) niet ziek?

De rijksoverheid meldt op zijn website dat bij een quarantaine de werkgever meestal het loon van de werknemer doorbetaalt, maar neemt daar wel een slag om de arm. Er wordt in dit artikel naar de rechterlijke macht verwezen als blijkt dat er een conflict ontstaat over een loondoorbetaling. Een werknemer is dus niet helemaal honderd procent verzekerd van loondoorbetaling bij quarantaine.

De overheid legt de discussie op het bordje van de werkgever en werknemer, en bij een conflict moet de rechter dit maar beoordelen. Bij een ziekteverzuim hoort (in het eerste jaar van ziekte) een minimale loondoorbetalingsplicht van zeventig procent het loon.

Voor de rechter: verplicht thuiszitten na coronatest

In de volgende uitspraak is er een conflict ontstaan tussen de werknemer en de werkgever inzake het verplicht thuis zitten na een coronatest en de uitslag hiervan.

Een werknemer is in dienst bij een bouwbedrijf. Eind december 2020 meldt hij zich af bij zijn werk omdat zijn zus naar het ziekenhuis moet. Daarop zegt de werknemer dat hij ook op de dagen daarna niet in staat is te werken.

Er vindt enkele dagen daarna een gesprek plaats tussen de werknemer en de afdeling personeelszaken. Tijdens het gesprek wordt afgesproken dat de werknemer op 7 januari 2021 zijn werkzaamheden hervat. Op die dag meldt het bedrijf echter dat een collega van de werknemer positief is getest op het coronavirus.

De werknemers die in relatie staan tot deze collega worden naar huis gestuurd, en krijgen hun loon doorbetaald. Er wordt van ze gevraagd zich op 11 januari te laten testen. De werknemer krijgt echter twee dagen later te horen dat hij op staande voet is ontslagen.

Geen rechtsgeldig ontslag

De werknemer vecht zijn ontslag op staande voet aan, en stelt zich beschikbaar voor de werkzaamheden zodra hij zich weer beter heeft gemeld.

Een maand later eist hij nog een correcte loonbetaling over de maand januari. De werknemer stapt naar de rechter en sommeert dat zijn ontslag op staande voet wordt vernietigd. Ook eist de werknemer loondoorbetaling vanaf 10 januari 2021 met daarbij een wettelijke verhoging van 50 procent wegens het niet op tijd betalen van het loon. Naast een schadevergoeding en een transitievergoeding wil de werknemer ook een billijke vergoeding van vijfduizend euro.

Volgens de werknemer is er geen sprake van een rechtsgeldig ontslag. Hij meldde zich op 10 januari ziek, maar kreeg geen verzuimbegeleiding. Wel werd hem twee dagen later duidelijk gemaakt dat hij was ontslagen.

De werkgever betwist dat de werknemer zich ziek had gemeld. Er werd op 7 januari geen ziekmelding ontvangen. Omdat op het werk een collega een coronabesmetting had opgedaan, zijn de naaste collega’s waaronder de werknemer in quarantaine gegaan, maar de werknemer heeft niet de testuitslag aan de werkgever laten weten.

Omdat de werkgever geen contact kon krijgen met de werknemer na de quarantainedagen, en het ontbreken van informatie over de werknemer, is hij op staande voet ontslagen, en is de loondoorbetaling gestopt.

Oordeel kantonrechter

De kantonrechter beoordeelt of de werknemer terecht op staande voet is ontslagen of dat het ontslag moet worden vernietigd. In het verlengde daarvan moet worden geoordeeld of de loondoorbetaling terecht was gestaakt. De rechter gaat niet mee in het verhaal van de werkgever en vindt het ontslag op staande voet onterecht.

De werkgever heeft zelf zijn werknemers naar huis gestuurd omdat een collega was besmet met het coronavirus. De werknemer is naar huis gegaan met de instructie zich te laten testen. Hij heeft zich op 12 januari laten testen en kreeg op 13 januari de uitslag.

Ondanks dat de werknemer op 11 januari niet bereikbaar was, vindt de rechter dat er geen sprake is van ongeoorloofd werkverzuim. Hij werd tenslotte verplicht om thuis in quarantaine te gaan en dat hij zich moest laten testen. De werknemer kon pas op 13 januari zijn werkgever op de hoogte stellen van de testuitslag.

Ontslag op staande voet was dan ook prematuur. Verder vindt de kantonrechter de vraag of de werknemer zich had ziek gemeld niet relevant in deze discussie.

Het ontslag op staande voet wordt dan ook vernietigd. Omdat de werknemer een contract voor bepaalde tijd had tot eind april 2021 moet de loondoorbetaling ook tot die datum plaatsvinden. Wel wordt de wettelijke verhoging van het loon gematigd tot 10 procent.

Rechtbank Noord-Holland | ECLI:NL:RBNHO:2021:4565

Bron: PW.nieuwsbrief